Rechts Vlaanderen

Rechts Vlaanderen: Religie en stemgedrag in negentiende-eeuws België

HENK DE SMAELE
Copyright Date: 2009
Published by: Leuven University Press,
Pages: 480
https://www.jstor.org/stable/j.ctt9qdz9v
  • Cite this Item
  • Book Info
    Rechts Vlaanderen
    Book Description:

    In de loop van de negentiende eeuw komt ‘rechts Vlaanderen’ tegenover ‘links Wallonië’ te staan. Bij elke parlementsverkiezing bleek (en blijkt) het Vlaamse kiesgedrag af te wijken van het Waalse. Hoe is het ontstaan van rechts Vlaanderen te verklaren? Historici hebben het Vlaamse kiesgedrag vaak geïnterpreteerd als de politieke vertaling van de economische en culturele ‘achterlijkheid’ van ‘arm Vlaanderen’: de Vlaamse samenleving was traditioneel en de kiezers stemden er dus traditioneel. Anderen hebben aangevoerd dat de katholieke partij beter inspeelde op de Vlaamse verzuchtingen en dat de Vlaamse kiezers gewoon ‘rationeel’ handelden door rechts te stemmen. In dit boek onderzoekt Henk de Smaele beide theses kritisch. Hij komt tot de vaststelling dat geen van beide volstaat om de vorming van rechts Vlaanderen te verklaren. Om het fenomeen beter te begrijpen, moet men niet alleen aandacht hebben voor ‘tradities’ en ‘belangen’, maar ook voor ‘affecten’. Zo zal blijken dat de ‘culturele ruralisering’ van Vlaanderen de sleutel is tot het geheim van rechts Vlaanderen.

    eISBN: 978-94-6166-101-2
    Subjects: Political Science

Table of Contents

  1. Front Matter
    (pp. 1-4)
  2. Table of Contents
    (pp. 5-6)
  3. Inleiding
    (pp. 7-28)

    Rechts Vlaanderenis - voor een academisch boek - een provocerende, enigszins polemische titel. Wat dat betreft, lijkt de vlag alvast de lading te dekken. Dit boek neemt duidelijk stelling in en nodigt uit tot discussie. Maar de titel roept ook vragen op die hier niet zullen worden beantwoord. Wie vandaag ‘rechts Vlaanderen’ hoort, denkt natuurlijk in de eerste plaats aan de sterke electorale positie van het extreemrechtse Vlaams Belang en aan de duidelijke ruk naar rechts bij de laatste parlementsverkiezingen. Daarover gaat dit boek niet, of tenminste niet rechtstreeks. Deze studie blijft binnen de veilige grenzen van de ‘lange...

  4. Deel I: Gegevens

    • Hoofdstuk 1 Electorale regels en scenario’s
      (pp. 31-78)

      Men stort zich het best niet overhaast op de analyse van de verkiezingsresultaten. Uit heel wat recent historisch onderzoek blijkt dat het belangrijk is om eerst grondig te peilen naar de specifieke historische betekenis van het fenomeen ‘ verkiezing’ in de onderzochte periode.¹ Belangrijk in die evaluatie zijn de electorale spelregels. Ze onthullen veel van de denkbeelden die ten grondslag lagen aan het politieke systeem. Daarnaast is het ook erg belangrijk een juist beeld te hebben over de exacte procedures om nadien op een verantwoorde manier met de verkiezingsresultaten te kunnen werken. Van die theoretische spelregels kunnen vervolgens ‘scenario’s’ worden...

    • Hoofdstuk 2 Verstedelijking, regio, religie en kiesgedrag
      (pp. 79-102)

      In de inleiding werd reeds betoogd dat er nogal wat redenen zijn om af te stappen van een streng methodologisch individualisme bij de studie van het kiesgedrag uit het verleden. De afwezigheid van bronnen die toelaten op grote schaal ‘individuele’ gegevens te verwerken, hoeft dus niet zo verlammend te werken als lang werd aangenomen. In deze studie zal ik trachten consequent de ‘ecologische’ benadering te volgen. Vandaar dat ik het niet zal hebben over individueel kiesgedrag. Dan immers zou ik trappen in de val van deecological fallacy, omdat ikgeaggregeerdegegevens zou gebruiken om uitspraken te doen overindividueel...

  5. Deel II: Tradities

    • Hoofdstuk 3 De macht van het grootgrondbezit
      (pp. 105-146)

      “‘Nou ’n verstoa ’k mij toch aan de weireld nie mier!’ hoofdschudde Uleken met in elkaar geslagen handen. ‘De weireld es veranderd, tante!’ riep Allewies triomfant.”¹ De boerin Uleken is in het verhaal van Cyriel Buysse een representante van de oude wereld, terwijl de jonge flamingant Allewies het jeugdige verzet tegen de bestaande orde incarneert. “Er hing iets in de lucht; er broeide iets in de geesten. De mensen hadden als ’t ware andere gezichten gekregen. Evenals wat men ‘de mode’ noemde van lieverlede totaal gewijzigd en veranderd was, zo had zich ook de levensopvatting en het gemoed der mensen...

    • Hoofdstuk 4 De erfenis van het verleden
      (pp. 147-186)

      In de halve eeuw tussen het aantreden van Jozef II in 1780 en de Belgische Revolutie in 1830 kenden de Zuidelijke Nederlanden een institutioneel zeer bewogen geschiedenis. De modernisering van het bestuur leek de gewesten te worden opgedrongen door autocratische vorsten als Jozef II en Willem I of door de harde hand van de Franse republikeinen. In reactie op die autoritaire regimes werden zowel traditionalistische als progressieve antwoorden geformuleerd door groepen die elkaar soms bestreden, maar die soms ook wonderwel samen leken te gaan. Steeds opnieuw zien historici zich bijvoorbeeld voor de vraag geplaatst of de Brabantse Revolutie nu reactionair,...

  6. Deel III: Belangen

    • Hoofdstuk 5 Kerk en politiek van unionisme tot schoolstrijd
      (pp. 189-222)

      Uit het vorige hoofdstuk is gebleken dat de Zuidelijke Nederlanden op het einde van de achttiende eeuw een belangrijke periode van politisering doormaakten. Het Vlaamse platteland - dat het belangrijkste steunpunt van de katholieke partij zou worden - was zeker geen ‘slapende’ regio die afgesloten was van het politieke gebeuren. De laatnegentiende-eeuwse voorkeur van de Vlaamse landelijke bevolking voor de conservatieve partij was derhalve niet zo evident als sommige auteurs en tijdgenoten lieten uitschijnen. De oplossing van het vraagstuk kan in verschillende richtingen worden gezocht. Het is mogelijk dat de landelijke elites er na de revolutieperiode in geslaagd zijn het...

    • Hoofdstuk 6 Dertig jaar katholiek bewind: ten dienste van wie?
      (pp. 223-254)

      De electorale opgang van de katholieke partij vanaf 1884 (resulterend in dertig jaar absolute meerderheid) was grotendeels aan de stedelijke doorbraak te danken. Het was dus gevaarlijk om van strategie te veranderen. De gematigde politiek van Auguste Beernaert kon dan ook op de steun van de nuntius rekenen.¹ Ferrata kwam zelfs persoonlijk tussenbeide om de leiders van de Union Nationale pour le Redressement des Griefs - en hun beschermheer, de Luikse bisschop Doutreloux - in hun religieuze ijver af te remmen zodat het welslagen van de partij in de stedelijke kiesomschrijvingen niet werd gehypothekeerd.² De bisschoppen werden aangespoord om -...

  7. Deel IV: Affecten

    • Hoofdstuk 7 De Vlaamse en volkse katholieke subcultuur
      (pp. 257-300)

      “Renoncez à la vie de faste et de plaisirs; et si j’ose l’ajouter, quittez les villes, la capitale surtout, où vous n’empêchez aucun mal, malgré votre nombre et vos richesses, et où vous ne faites aucun bien; quittez ces avenues de la Cour, où les caractères s’émoussent, s’endorment (...). Rentrez plutôt dans vos terres; soyez les modèles de votre commune; vivez simplement et rudement (...).”¹ Arthur Verhaegen, die deze oproep lanceerde, voegde de daad bij het woord en bouwde een neogotische vleugel aan een kasteeltje in Merelbeke en ging er zich met zijn familie officieel vestigen. Hij gedroeg er zich...

    • Hoofdstuk 8 Agrarisch Vlaanderen en industrieel Wallonië
      (pp. 301-348)

      De liberale schrijfster Virginie Loveling publiceerde in 1884 de romanSophiewaarin ze de katholieke houding tijdens de schoolstrijd hekelde. Het is een verhaal over het heroïsche verzet van enkele vrijdenkers en onafhankelijke geesten tegen de nietsontziende druk van de geestelijkheid in een Vlaams dorp. In een van de laatste hoofdstukken laat de schrijfster de liberaal Haantjens in zijn tilbury door de Oost-Vlaamse vlakke weiden rijden. Het is een zonnige winterdag en het landschap ontlokt Haantjens de gedachte: “O, mijn Vlaanderen, wat zijt gij schoon!”. “Hij had het lief, dat plekje grond, aan hetwelk de bewonderende Spanjaarden reeds in vroegere...

    • Hoofdstuk 9 De ‘ruralisering’ van stedelijk Vlaanderen
      (pp. 349-398)

      Tweemaal bezocht de (destijds) beroemde Duitse schrijfster Johanna Schopenhauer de stad Gent. In 1803 had ze er met haar echtgenoot en zoon een kort oponthoud; in 1828 bleef ze, ditmaal vergezeld van haar dochter, langer in de stad. “Hoezeer was het beeld ervan inmiddels veranderd”, schreef ze in haar gepubliceerd reisdagboek. “Gent is niet alleen een van de grootste, maar ook een van de mooiste steden, zelfs ondanks de opvallend oude openbare gebouwen en - meestal kleine - huizen. Alles lijkt hier wel uit één stuk gegoten en getuigt van een unieke, nu weer frisse, jeugdige kracht en van een...

  8. Besluit
    (pp. 399-404)

    Veel literatuur over de electorale machtsverhoudingen in negentiende-eeuws België is er niet. Het succes van een partij of een kandidaat wordt al snel verklaard vanuit de efficiëntie van de partijorganisatie of de campagne. Els Witte bijvoorbeeld schrijft de doorbraak van het liberalisme in de eerste helft van de negentiende eeuw in belangrijke mate toe aan de toegenomen organisatie van de antiklerikale krachten.¹ Maar op zich verklaart organisatie weinig. Zo zagen we hoe Theodore Verhaegen met zijn centralistische organisatiedrang juist het sterke lokale Ieperse liberalisme in gevaar bracht. Ook aan de inzet van electorale agenten wordt vaak te veel belang gehecht.²...

  9. Bibliografie
    (pp. 405-442)
  10. Bijlagen
    (pp. 443-450)
  11. Kaarten
    (pp. 451-468)
  12. Personenindex
    (pp. 469-479)
  13. Colofon
    (pp. 480-480)